Posts tonen met het label Bruto Binnenlands Product.. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bruto Binnenlands Product.. Alle posts tonen

vrijdag 25 maart 2016

Noordvleugel Randstad en Zuidoost-Brabant/Noord-Limburg trekken de kar

Deze blog is een actualisatie van mijn eerdere blog uit september 2013 waarin ontwikkeling van het Bruto Regionaal Product (BRP) naar COROP is afgezet tegen de ontwikkeling van het arbeidsvolume over de periode 1996-2012. Inmiddels heeft het CBS voorlopige cijfers over 2013 en 2014 gepubliceerd. Een mooie gelegenheid om te kijken of er wijzigingen zijn in de regionale ontwikkeling tussen de COROP-regio's.

Baanloze Groei

Het landelijke BBP tegen marktprijzen is tussen  2010 en 2014 met 4,9% toegenomen van € 632 miljard Euro naar 662,8 miljard Euro in 2014. In dezelfde periode daalde het arbeidsvolume, gemeten in arbeidsjaren, met 1,1% van 7,06 miljoen naar 6,98 miljoen. In feite is daarmee sprake van een baanloze groei, waarbij er wel groei in de economie is, maar dit niet leidt tot meer werkgelegenheid.

Figuur 1: Ontwikkeling BBP en Arbeidsvolume in arbeidsjaren, 2010-2014, Nederland
Bron: CBS Statline, bewerking Fanion onderzoek en Advies
**) 2013 en 2014 (nader) voorlopig



Regionale verschillen 

Omvang BRP

De grootste bijdrage aan het BBP leveren de regio's rond de grote steden: Groot Amsterdam (€ 88,9 mrd), Groot Rijnmond (€ 60,7 mrd), Utrecht (€ 58,4 mrd), Agglomeratie Den Haag (€ 34,0 mrd). Metropoolregio Eindhoven volgt op de voet met € 33,5 mrd. Overig Groningen (€ 24,2 mrd) heeft ook altijd een relatief sterke positie vanwege de gaswinning in dat gebied.

Figuur 2: Bruto Regionaal Product naar COROP in 2014

Omvang Arbeidsvolume

Het arbeidsvolume laat nagenoeg hetzelfde beeld zien. De grootste arbeidsmarkten zijn de regio's Groot-Amsterdam, Groot Rijnmond en Utrecht. Deze worden gevolgd door de intermediaire regio's Veluwe, Arnhem-Nijmegen, Noordoost- en Zuidoost-Noord-Brabant en West-Noord-Brabant.

Figuur 3: Bruto Regionaal Product naar COROP in 2014


Tabel 1 Overzicht COROP gebieden

COROP-CodeCOROPCOROP-CodeCOROP
1
Oost-Groningen
21
Agglomeratie Haarlem
2
Delfzijl en omgeving
22
Zaanstreek
3
Overig Groningen
23
Groot-Amsterdam
4
Noord-Friesland
24
Het Gooi en Vechtstreek
5
Zuidwest-Friesland
25
Agglomeratie Leiden en Bollenstreek
6
Zuidoost-Friesland
26
Agglomeratie 's-Gravenhage
7
Noord-Drenthe
27
Delft en Westland
8
Zuidoost-Drenthe
28
Oost-Zuid-Holland
9
Zuidwest-Drenthe
29
Groot-Rijnmond
10
Noord-Overijssel
30
Zuidoost-Zuid-Holland
11
Zuidwest-Overijssel
31
Zeeuws-Vlaanderen
12
Twente
32
Overig Zeeland
13
Veluwe
33
West-Noord-Brabant
14
Achterhoek
34
Midden-Noord-Brabant
15
Arnhem/Nijmegen
35
Noordoost-Noord-Brabant
16
Zuidwest-Gelderland
36
Zuidoost-Noord-Brabant
17
Utrecht
37
Noord-Limburg
18
Kop van Noord-Holland
38
Midden-Limburg
19
Alkmaar en omgeving
39
Zuid-Limburg
20
IJmond
40
Flevoland

Ontwikkeling Bruto Regionaal Product 2010-2014

Als we kijken naar de groei van het BRP dan vindt deze verspreid over het land plaats. Koplopers zijn Zuidwest-West Friesland (+17,3%), Oost-Groningen (+14,2%), Zaanstreek (11,2%), Zuidwest-Drenthe (10,2%), Noord-Limburg (10%) en Noordoost-Noord-Brabant (9,4%). Als wordt gekeken naar aaneengesloten regio's dan mag worden geconcludeerd dat de Noordvleugel van de Randstad (Groot-Amsterdam, Zaanstreek) het goed doet. Daarnaast doen Oost-Brabant en Noord-Limburg het goed. De economische groei blijft achter in Zuidwest Nederland, en dan met name overig Zeeland en het uiterste noorden van het land. Ook de regio's Den Haag en Oost-Zuid-Holland (Alphen aan de rijn/Gouda) ontwikkelen zich slecht.

Figuur 4: Ontwikkeling Bruto Regionaal Product naar COROP 2010 - 2014



































Ontwikkeling arbeidsvolume 2010-2014

De ontwikkeling van de werkgelegenheid laat voor een deel eenzelfde beeld zien, maar er zijn ook enkele verschillen. Qua werkgelegenheid doet de Noord-Vleugel van de Randstad het opnieuw goed, evenals Zuidoost-Brabant en Noord-Limburg. Ook in Zuidwest-Drenthe en Oost-Groningen groeit de werkgelegenheid boven gemiddeld. De meest noordelijke regio's en de regio's Den Haag en Oost-Zuid-Holland laten een meer dan gemiddelde krimp van de werkgelegenheid zien. Opvallend zijn de regio Noordoost-Brabant en Zuidwest-Friesland die een bovengemiddelde groei van het BRP laten zien, maar qua werkgelegenheid beneden gemiddeld scoren. Hier is sprake van jobless growth. De regio's Veluwe en Zuidoost-Friesland doen het juist wat beter qua banengroei dan qua economische groei.

Figuur 5: Ontwikkeling Arbeidsvolume naar COROP periode 2010 - 2014


Ontwikkeling BRP en Arbeidsvolume gecombineerd

De regio die zich het sterkst heeft ontwikkeld tussen 2010 en 2014 is de regio Oost-Groningen. Deze regio heeft de op een na hoogste groei van het BRP en de hoogste groei van het arbeidsvolume. Eveneens goede prestaties hebben de Zaanstreek en Noord-Limburg. Van de grote economische regio's presteren Groot-Amsterdam en Zuidoost-Noord-Brabant het best.
Regio's met veel procesindustrie zoals Zuidwest-Friesland, Noordoost-Noord-Brabant, IJmond, Zeeuws-Vlaanderen laten een bovengemiddelde groei zien, maar met verlies van banen. Hier is sprake van jobless growth.
In de regio's Flevoland, Zuidoost-Zuid-Holland, Utrecht, Overig Zeeland en Overig Groningen valt het banenverlies wel mee. Wel is er sprake van een lagere groei van het BRP. In Overig Groningen gaat het daarbij vooral over de gaswinning.
Voor Flevoland is wel opvallend dat het inmiddels een heel gemiddelde Nederlandse regio is. De dubbele groeicijfers uit het verleden worden niet meer gerealiseerd.
De regio die het veruit het slechtst doet is de regio Den Haag met zowel een lage economische groei en een flinke daling van de werkgelegenheid. Dit heeft uiteraard veel te maken met bezuinigingen binnen de Rijksoverheid. Ook Groot-Rijnmond combineert een krimp van de economie met een krimp van het aantal banen. In Zuid-Holland deelt verder ook Oost-Zuid-Holland mee in de malaise. Daar staat voor Zuid-Holland tegenover dat Delft en Westland en Leiden en Bollenstreek wel goed presteren.

Figuur 6: Ontwikkeling BRP en Arbeidsvolume naar COROP t.o.v. gemiddelde, 2010-2014 
Bron: CBS Statline, bewerking Fanion onderzoek & advies

Conclusie

De noordvleugel van de Randstad (Groot-Amsterdam, Zaanstreek) is samen met de regio's Oost-Brabant en Noord-Limburg de motor van de economie gebleken tussen 2010-2014. In Noordoost-Brabant leidt dit overigens niet tot meer werkgelegenheid.
De economie in de zuidvleugel van de Randstad (regio Den Haag, Groot-Rijnmond, Oost-Zuid-Holland) heeft het moeilijk. De regio's Utrecht en Arnhem/Nijmegen zijn de meest gemiddelde regio's van Nederland.


© Henry de Vaan, Fanion onderzoek & advies, Maart 2016

































donderdag 19 september 2013

Regio's A2-as duidelijk motor van de landelijke economie

Bruto Binnenlands Product tussen 1995-2012  hard gegroeid, maar stagnatie sinds 2008
Tussen 1995 en 2008 is het BBP (tegen marktprijzen) van Nederland bijna verdubbeld van 305 miljard euro naar 594 miljard euro. Het arbeidsvolume nam in dezelfde periode toe van 5 miljoen naar 6 miljoen arbeidsjaren, ofwel met 20%.
In 2008 is de crisis goed in de cijfers zichtbaar. In 2009 daalt het BBP met 3,5% naar 573 miljard. In 2010 is er sprake van een licht herstel, waarna in 2011-2012 sprak is van stabilisatie. De omvang van het BBP wordt door het CBS (voorlopig) becijferd op 599 miljard euro.
Het arbeidsvolume is vanaf 2008 met 2,6% gedaald van 6 miljoen arbeidsjaren naar 5,8 miljoen arbeidsjaren.

Figuur 1
Ontwikkeling BBP(marktprijzen) en arbeidsvolume 1995-2012  
Bron: CBS, Statline, bewerking Fanion Onderzoek & Advies
* cijfers 2011 en 2012 (nader) voorlopig


Productie vooral rondom de grote steden
De productie in Nederland vindt vooral plaats in en rondom de grote steden Amsterdam, Utrecht en Rotterdam. Daarnaast levert Overig Groningen ook een grote bijdrage dankzij de gaswinning in dit gebied. Ook de Brabantse regio's West-, Noordoost-, en Zuidoost-Brabant en de Gelderse regio's Arnhem/Nijmegen en Veluwe leveren en substantiƫle bijdrage aan het BBP. Het beeld voor het arbeidsvolume is vergelijkbaar; dezelfde regio's komen hier logischerwijs bovendrijven; Hieraan kan de regio Twente nog worden toegevoegd.

Figuur 2
Omvang Bruto Regionaal Product in 2012 (voorlopig) en Arbeidsvolume 2010, naar COROP


Bron: CBS, Statline, bewerking Fanion Onderzoek & Advies
Tabel 1
Overzicht COROP gebieden
COROP-CodeCOROPCOROP-CodeCOROP
1Oost-Groningen21Agglomeratie Haarlem
2Delfzijl en omgeving22Zaanstreek
3Overig Groningen23Groot-Amsterdam
4Noord-Friesland24Het Gooi en Vechtstreek
5Zuidwest-Friesland25Agglomeratie Leiden en Bollenstreek
6Zuidoost-Friesland26Agglomeratie 's-Gravenhage
7Noord-Drenthe27Delft en Westland
8Zuidoost-Drenthe28Oost-Zuid-Holland
9Zuidwest-Drenthe29Groot-Rijnmond
10Noord-Overijssel30Zuidoost-Zuid-Holland
11Zuidwest-Overijssel31Zeeuws-Vlaanderen
12Twente32Overig Zeeland
13Veluwe33West-Noord-Brabant
14Achterhoek34Midden-Noord-Brabant
15Arnhem/Nijmegen35Noordoost-Noord-Brabant
16Zuidwest-Gelderland36Zuidoost-Noord-Brabant
17Utrecht37Noord-Limburg
18Kop van Noord-Holland38Midden-Limburg
19Alkmaar en omgeving39Zuid-Limburg
20IJmond40Flevoland


Lange termijn: Regio's A2 motoren landelijke economie
In alle regio's in Nederland is het Bruto Regionaal Product tussen 1995-2012 toegenomen. De groei varieert tussen 22% (Delfzijl e.o.) tot 150% (Flevoland). De regio's die gelegen zijn op de as Amsterdam - Eindhoven (De A2-as) blijken de motoren van de landelijke economie. Zowel het BRP als het arbeidsvolume zijn tussen 1995 en heden in deze regio's bovengemiddeld gegroeid. Flevoland en Oost-Groningen doen het nog beter, maar voor Oost-Groningen is dit voor het grootste deel toe te schrijven aan de gaswinning. De economie in Flevoland is nog in opbouw; er was in de vorige decennia relatief weinig bedrijvigheid in relatie tot de beroepsbevolking. De afgelopen jaren hebben zich veel bedrijven gevestigd in Flevoland en zijn de economie en de werkgelegenheid flink gegroeid.
De groei van het BRP is duidelijk beneden gemiddeld in veel grensregio's; vooral in het Noordoosten van het land is de ontwikkeling beneden gemiddeld. Maar ook in de regio's IJmond en Haarlem e.o. ligt de ontwikkeling van het BRP onder het landelijk niveau.
Ook het arbeidsvolume is tussen 1995-2010 vrijwel overal toegenomen. Alleen in de regio's IJmond, Gooi- en Vechtstreek, Zuidwest-Drenthe, Delfzijl e.o. en Oost-Groningen is er sprake van een daling van het arbeidsvolume. Ook hier doen de regio's aan de A2-as en Flevoland het bovengemiddeld goed. Opvallend is dat ook de het zuidwestelijk deel van Noord-Nederland het boven gemiddeld doet.

Figuur 3
Ontwikkeling BRP 1995-2012* en Arbeidsvolume 1995-2010 naar COROP regio in relatie tot ontwikkeling in Nederland
Bron: CBS, Statline, bewerking Fanion Onderzoek & Advies,
* voorlopige cijfers




Korte termijn: Niet overal krimp tijdens crisis
Van 2008 op 2009 is het landelijk BBP als gevolg van de economische crisis flink gedaald, daarna heeft enig herstel plaatsgevonden waarna de ontwikkeling van het BBP zich rond de nulgroei beweegt. In de meeste regio's in Nederland is eenzelfde beeld te zien en is sprake van een lichte daling van het BRP tot -2,5%. Een aantal gebieden is zwaarder getroffen. Vooral de regio Delfzijl e.o. heeft het zwaar te verduren met een krimp van het BRP met meer dan 10%. Ook de andere regio's in het Noordoosten van Nederland zijn bovengemiddeld getroffen door de economische crisis. Maar ook in de Randstad zijn er regio's die meer dan gemiddeld gekrompen zijn, dit geldt onder meer voor de regio Haarlem e.o., Delft en Westland, Het Gooi- en Vechtstreek en Oost-Zuid-Holland (Alphen a/d Rijn, Gouda, Waddinxveen). Positieve uitschieter zijn er ook. Het BRP in Groot-Amsterdam en Midden-Limburg nam in de periode 2008-2012, ondanks de crisis, met meer dan 5% toe. Ook de regio's Noordoost-Brabant, Utrecht, Twente en Zuidwest-Overijssel laten bovengemiddelde groeicijfers zien.

Figuur 4
Ontwikkeling BRP 2008-2012* naar COROP regio
Bron: CBS, Statline, bewerking Fanion Onderzoek & Advies,
* voorlopige cijfers

Flevoland veruit sterkste groeier, Delfzijl e.o. snelste daler
In figuur 5 is de ontwikkeling van het BRP en het arbeidsvolume in de periode 1995-2010 afgezet tegen de landelijke ontwikkeling (positie waar de x-as en y-as kruisen) in dezelfde periode. De grootte van de bol geeft daarbij de omvang van het BRP in 2010 weer.
Uit de figuur blijkt dat de positieve bijdrage van regio's groot Amsterdam, Utrecht, Noordoost-Brabant en Zuidoost-Brabant aan de landelijke economie en werkgelegenheid groot is. Het betreft grotendeels de regio's die op de A2-as liggen. Flevoland is overigens de regio die op zowel het BRP als het arbeidsvolume veruit het sterkst is gegroeid. In absolute omvang is de bijdrage van deze regio echter nog bescheiden.
In de regio Groot-Rijnmond is de bijdrage aan de toename van het arbeidsvolume bovengemiddeld, maar blijft de ontwikkeling van het BRP achter bij het landelijk gemiddelde.
De economische prestaties van de regio Delfzijl e.o. zijn ver beneden gemiddeld. Het arbeidsvolume is gedaald terwijl de groei van het BRP ver achterblijft bij het Nederlands gemiddelde. Dit geldt voor meer regio's in Noord-Nederland en een aantal grensregio's. Maar ook regio's in de Randstad als de Zaanstreek, Haarlem e.o., Delft- en Westland en Het Gooi- en Vechtstreek presteren onder het nationaal gemiddelde.

Figuur 5
Ontwikkeling BRP en Arbeidsvolume  t.o.v. ontwikkeling Nederland, 1995-2010
Bron: CBS, Statline, bewerking Fanion Onderzoek & Advies

Conclusie
De regio's op de A2-as vormen duidelijk het kloppend hart van de Nederlandse economie. De regio's in Noord-Nederland en de grensregio's blijven duidelijk achter bij de landelijke ontwikkeling. Opvallend genoeg geldt dit ook voor een aantal regio's in de Randstad.

© Henry de Vaan, Fanion Onderzoek & Advies, september 2013